Select Page

 

Critical thinking, problem solving, computational thinking. Zomaar een paar termen uit het lijstje met 21e eeuwse vaardigheden. Skills die voornamelijk relevant zijn voor jongeren met een beroepsopleiding en creatieve beroepen, waarvan een (gedeeltelijke) carrière als ZZP’er onvermijdelijk is. Skills die relevant zijn voor jongeren die op dit moment opgeleid worden voor banen waarvan het onzeker is of deze in de toekomst nog bestaan.

Er wordt al een aantal jaar geroepen om meer aandacht voor deze vaardigheden in het onderwijs. Niet alleen vanuit de scholen, maar ook vanuit de politiek. In april 2015 kondigde de toenmalige minister van OCW aan dat de eisen in het examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB worden aangescherpt, met name door kritische denkvaardigheden en het kunnen voeren van dialogen over complexe thema’s. Echter, drie jaar later is daar nog weinig van terecht gekomen. Dit komt door een top-down strategie, die je vaker ziet het in het onderwijs. Er wordt van bovenaf van alles geroepen en de docent moet er vervolgens maar iets van maken. Zonder dat hij/zij hier de ruimte voor krijgt. Marieke Gervers, founder van sQuare Amsterdam, betoogt in het Parool dat onderwijsprofessionals zelf het vertrouwen en financiële ruimte moeten krijgen om veranderingen in gang te zetten. De bal ligt bij hen, al moeten zij de bal wel toegespeeld krijgen van hogerop. Er is vertrouwen nodig.

In plaats van een top-down strategie, heeft de implementatie van 21e eeuwse vaardigheden in het MBO juist een bottom-up benadering nodig. Docenten en onderwijsontwerpers zouden meer autonomie, verantwoordelijkheid en ruimte moeten krijgen om deze veranderingen in te brengen en besluiten te kunnen nemen.

Visionair Jan Rotmans schetst een verandering van tijdperk waarin waarde en duurzaamheid boven massa en volume staat. Dit betekent dat bestaande banen verdwijnen en nieuwe beroepen hier voor in de plaats komen. Over de rol van onderwijs zegt hij het volgende:

“Multi- en interdisciplinaire scholing en vormen zijn een must, evenals kunnen denken en werken. Goed kunnen communiceren is een noodzakelijke voorwaarde, net als het kritisch kunnen denken en het op juiste wijze interpreteren van de overvloedige kennis. Niet het hebben van kennis is een machtsfactor in de toekomst, maar het samen delen van kennis”.

En dit samen delen van kennis begint in de klas, bij een bottom-up benadering. Heeft het onderwijs wellicht meer experiment nodig? Op welke manier kunnen we specifieke vaardigheden structureel integreren in het onderwijs? Welke vormen van onderwijs zijn geschikt voor deze groep jongeren met praktische en creatieve opleidingen, deze groep makers, die vooral willen doen?

Ik heb de antwoorden nog niet. Het komend jaar zal ik deze vragen vanuit mijn Master Kunsteducatie onderzoeken en zal ik vanuit mijn nieuwe onderneming Garcia Koel Concepts spellen gaan ontwikkelen en testen die inspelen op 21e eeuwse vaardigheden. Spellen die drempels wegnemen, onderwerpen relevant maken, enthousiasmeren en motiveren. Als onderwijsprofessionals zullen we op zoek moeten gaan naar manieren om deze groep (ieder jaar zo’n 500.000) voor te bereiden op hun toekomst. Inhoudelijke vakkennis zullen ze zeker opdoen, o.a. door het aantal stages. De vraag is of dit voldoende is om hun voor te bereiden op het beroep van morgen en of zij hierbij de juiste vaardigheden trainen.

Ik wil onderzoeken of spel (zowel analoog als digitaal) een positieve uitwerking kan hebben op MBO studenten. Deze maand test ik met eerstejaars podiumtechniek studenten van het Mediacollege in Amsterdam het zelf ontworpen Burgerspel, een kaartspel over de werking en relevantie van lokale politiek. De studenten zullen in de huid van politicus kruipen en in groepjes zoveel mogelijk invloed gaan verzamelen. Zij zullen kennis maken met verschillende vormen van lokale democratie en hun standpunten moeten verdedigen. Er zijn rondes met debat, inzicht en kennis. Zij zullen op deze manier werken aan verschillende vaardigheden, zoals samenwerken, kritisch- en probleemoplossingsgericht denken. Dit allemaal op een laagdrempelig niveau waarbij het speldoel centraal staat.

Het is de vraag en de hoop dat zij op een andere manier naar politiek gaan kijken en deze specifieke vaardigheden trainen. Het begin van een antwoord op de vraag, hoe kunnen we die 21e eeuwse vaardigheden, waar we het al zo lang over hebben, nu écht structureel gaan inzetten om studenten beter voor te bereiden op hun toekomst.

Wie weet ligt het antwoord wel in spelletjes. We zullen zien.